Droomtijd

De Aboriginals noemen het Droomtijd.
De dagen waarin vroeger het pad legde naar vandaag.
Het pad dat de eerste voorouders nog altijd nemen naar het heden,
Om ons de weg te wijzen, even springlevend als duizenden jaren geleden.
Wij lachen erom, om voorouders die nog leven,
Voor ons een pad uitstippelen, het leven blijven geven.
Wij lachen, terwijl de cellen in ons lijf wel beter weten.
Zij dragen de wijsheid van millennia,
van eencellige organismen, sterrenstof en kometen.
Zij verbinden ons met al het leven in een oneindige, magische keten.

Wij zijn het sterrenstof, wij zijn de Droomtijd,
De toekomst ligt in onze verbeelding verborgen.
Nu nog gegijzeld door kaders en dogma’s en korte termijn zorgen.
We zullen het eeuwige nu moeten leren bezweren,
Beseffen dat wij zelf iedere dag toekomsten creëren.

Als sterrenstof dat waterstof wordt, dat vis wordt, dat mensheid wordt.
Wij leggen vandaag de paden naar waar het verre heden verkeert.
Toekomsten waarin de wijsheid van de wereld regeert.
Waarin we leren van bijen, mieren, koralen en mussen.
We hoeven enkel maar onze verbeelding wakker te laten kussen.